Gastblog - Hoe het is om bij LCL te werken: Matthias Borremans, projectmanager faciliteiten

3 juli 2017

Ecologische koelsystemen

Matthias Borremans is de facilitaire projectmanager van LCL.

Hij kwam bijna een jaar geleden bij het bedrijf. Wat houdt zijn werk precies in? En op welke projecten houdt hij toezicht?

Matthias vertelt alles in dit gastblog.

“Als facilitaire projectmanager ben ik verantwoordelijk voor het toezicht op verschillende projecten bij LCL. Een deel van mijn werk omvat het adviseren van management wanneer technologieën of topologieën moeten worden geselecteerd.

Als datacenter moeten we met veel zaken rekening houden en het is onmogelijk om alles te bestuderen of elk element te ontwerpen, zonder hulp van buitenaf in te schakelen. Ik werk daarom samen met een aantal ingenieursbureaus die zich richten op verschillende aspecten van het datacenter.

Een van de grote projecten waaraan ik momenteel werk, betreft de voorbereidingen voor de bouw van een nieuw datacenter in Aalst. LCL heeft al een vestiging in Aalst en bouwt een tweede dataruimte van 1200 m² achter zijn bestaande site. Een datacenter kan niet zomaar bij elkaar worden gegooid. Eerst moet een studie worden uitgevoerd, die tot 18 maanden kan duren. Ik controleer de studie en volg de uitvoering en oplevering van het project. Ik zoek altijd de beste technologie en denk graag buiten de kaders. En omdat datacenters extreem energie-intensief zijn, kom ik graag met nieuwe ideeën om ons te helpen zo milieuvriendelijk mogelijk te zijn.

Ik heb bijvoorbeeld de verschillende koelopties voor het nieuwe datacenter overwogen. Een manier om koelgeneratoren koel te houden, is door er water op te sproeien, in een proces dat adiabatische koeling wordt genoemd. Dit gebruikt echter drinkwater, dat verdampt zodra het is gesproeid. We hebben de ethiek hiervan binnen LCL besproken en ons afgevraagd of het acceptabel is om drinkwater te gebruiken voor koeling en het gewoon te laten verdampen. Een dergelijk systeem verbruikt niet veel energie, is compact en kan volledig overbodig zijn, maar we besloten dat het geen milieuverantwoorde keuze was, en daarom zochten we naar een alternatieve oplossing. Uiteindelijk hebben we gekozen voor een systeem dat regenwater kan opvangen om de droge koelers bij warm weer af te koelen.

Bovendien zal het temperatuurbereik van het koelwater in het datacenter in Aalst niet zo laag zijn als in traditionele systemen. Het koelwater wordt door de buitenlucht gekoeld wanneer de buitentemperatuur lager is dan de binnentemperatuur (dit is het grootste deel van het jaar in België het geval), wat betekent dat er geen koelapparatuur nodig is. Om ervoor te zorgen dat we deze vrije koeling zo lang mogelijk kunnen gebruiken, hebben we de grootst mogelijke droge koelers geselecteerd, waardoor het gemakkelijker wordt om warmte af te voeren. Met behulp van vrije koeling kunnen we aanzienlijke energiebesparingen realiseren.

Het koelsysteem in het nieuwe datacenter in Aalst wordt dubbel redundant (2N redundantie). Dit betekent dat er twee back-upkoelsystemen zijn. Omdat we de ruimte in de nieuwe dataroom willen maximaliseren, zijn de koelgeneratoren op het dak geplaatst. Om ons hierbij te helpen, hebben we de hulp ingeroepen van een stabiliteitsingenieur.

Het bouwproject in Aalst is gepland voor eind 2018. ”


Matthias Borremans, Facilities Project Manager bij LCL